Ruggespraak, Onze Taal – juli/augustus 2017

De komende drie weken neem ik geen nieuwe schrijf- en redactieopdrachten aan, maar ga ik eindelijk de boeken lezen die al maandenlang op me liggen te wachten, schrijven wat mijn hart me ingeeft, genieten van de zomer, wandelen in ‘mijn’ achtertuin en nieuwe energie opdoen. Maar voordat ik dat ga doen, deel ik hier de leukste taalmissers uit de rubriek ‘Ruggespraak’ van de zomereditie van het maandblad van ‘Onze Taal’.

Ik wens je weer veel leesplezier en … een mooie zomer!  Verder lezen Ruggespraak, Onze Taal – juli/augustus 2017

Ruggespraak, Onze Taal – juni 2017

Jarenlang deelde ik op deze website de leukste taalmissers uit de rubriek ‘Ruggespraak’ van het maandblad van ‘Onze Taal’. Omdat ik geen zin meer heb in gedoe rondom auteursrecht, heb ik al die artikelen verwijderd. Vanaf vandaag geen plaatjes meer bij de taalmissers, maar quotes. Ik hoop dat het plezier er niet minder om is.    Verder lezen Ruggespraak, Onze Taal – juni 2017

Tweehonderdachtendertig euro vijftig voor een plaatje

Samen met de dossierkosten komt het dan nog neer op € 238,50.

Het staat er echt, hoe vaak ik ook met mijn ogen knipper. En of ik maar wil betalen. En snel. Voordat men mij voor het gerecht sleept.

Verder lezen Tweehonderdachtendertig euro vijftig voor een plaatje

Nederlands met een flinke scheut Vlaams

De (veelal debuterende) auteurs weten de weg naar mijn mailbox te vinden. Nu ik mijn werkzaamheden voor TekstFontein combineer met een baan in loondienst, kan ik lang niet elke redactie-aanvraag honoreren. Toch word ik soms zo gegrepen door de eerste bladzijden van een manuscript, dat ik niet kán weigeren. Zo ging het een maand geleden ook met een boek-in-wording van een Vlaamse schrijfster.

Verder lezen Nederlands met een flinke scheut Vlaams

Herhaling voorkomen

Een tekst die veel herhalingen bevat, leest niet prettig. Terwijl je aan het schrijven bent, zal je misschien niet opvallen hoe vaak je dezelfde woorden vlak na elkaar gebruikt. Daarom is het zo belangrijk wat je geschreven na te (laten) lezen. Maar je kunt onnodige herhalingen ook voorkomen. Hieronder lees je hoe (dit ‘tekstadvies’ publiceerde ik al eerder, maar soms mag je dingen herhalen, vind ik). Verder lezen Herhaling voorkomen

Ach ja, voornemens …

Het jaar 2016 heb ik succesvol afgesloten, en over belangstelling voor mijn dienstverlening heb ik ook in de eerste weken van het nieuwe jaar niets te klagen gehad. De gevolgen daarvan zijn dat ik mijn handen vol heb aan schrijf- en redactieopdrachten. En dat terwijl ik tegenwoordig ook nog een drukke baan heb.

20170120_140727

Verder lezen Ach ja, voornemens …

Tekst die blijft hangen

Het maakt niet uit of je een verhaal vertelt of iets ingewikkelds uit wilt leggen: een tekst moet blijven hangen. En bij voorkeur onmiddellijk; na één keer lezen dus.

In dit artikel zet ik wat tips op een rijtje die jouw tekst prettig(er) leesbaar maken, zodat ook jouw tekst … blijft hangen.  Verder lezen Tekst die blijft hangen

Eekhoorntjespuree en gezouten pijnbomen

Zoals je ondertussen misschien weet, ben ik dol op geschreven taalblunders. Maar ook de gesproken versies ervan kunnen me enorm vermaken. Jaren geleden schreef ik daar een stukje over. Ik heb het stof eraf geblazen en publiceer het vandaag opnieuw. Omdat ik het te leuk vind om het in een stoffig TekstFonteinhoekje te laten liggen.

Verder lezen Eekhoorntjespuree en gezouten pijnbomen

taaltip 14 – legitimatiebewijs of identiteitsbewijs?

En hij vroeg me om mijn legitimatiebewijs!

Een kennis die me regelmatig op taalfouten wijst, liet me verontwaardigd weten dat een notaris hem om zijn legitimatiebewijs had gevraagd. ‘Dat is fout. Een paspoort, rijbewijs of identiteitskaart noem je een identiteitsbewijs!’ liet hij erop volgen. Op het notariskantoor waar ik werk, gebruik ik het woord legitimatiebewijs dagelijks. Zou ik dan altijd het verkeerde woord gebruikt hebben? Ik besloot onmiddellijk uit te zoeken hoe het precies zit.

Verder lezen taaltip 14 – legitimatiebewijs of identiteitsbewijs?

taaltip 13 – Jan’s of Jans: apostrof of niet?

Jans fiets staat in de hal.

Jans’ fiets staat buiten.

Hoe zit het nu precies met de bezits-s? In het Engels gebruik je altijd een apostrof, gevolgd door een s. In het Nederlands zijn de regels net even anders.

Verder lezen taaltip 13 – Jan’s of Jans: apostrof of niet?