Ruggespraak, Onze Taal – juli/augustus 2017

De komende drie weken neem ik geen nieuwe schrijf- en redactieopdrachten aan, maar ga ik eindelijk de boeken lezen die al maandenlang op me liggen te wachten, schrijven wat mijn hart me ingeeft, genieten van de zomer, wandelen in ‘mijn’ achtertuin en nieuwe energie opdoen. Maar voordat ik dat ga doen, deel ik hier de leukste taalmissers uit de rubriek ‘Ruggespraak’ van de zomereditie van het maandblad van ‘Onze Taal’.

Ik wens je weer veel leesplezier en … een mooie zomer!  Verder lezen Ruggespraak, Onze Taal – juli/augustus 2017

Ruggespraak, Onze Taal – juni 2017

Jarenlang deelde ik op deze website de leukste taalmissers uit de rubriek ‘Ruggespraak’ van het maandblad van ‘Onze Taal’. Omdat ik geen zin meer heb in gedoe rondom auteursrecht, heb ik al die artikelen verwijderd. Vanaf vandaag geen plaatjes meer bij de taalmissers, maar quotes. Ik hoop dat het plezier er niet minder om is.    Verder lezen Ruggespraak, Onze Taal – juni 2017

Tekstadvies | heeft of hebt

Deze tiende aflevering in de serie ‘Tekstadvies’ gaat over de vervoeging van het werkwoord hebben.

Schrijf jij u hebt of u heeft? Het mag allebei, volgens Onze Taal.

persoonlijk voornaamwoord
Eerst even iets over het persoonlijk voornaamwoord u.  Dat ontstond als derde persoon enkelvoud, afgeleid van uwe edelheid. Maar in de loop der tijd is men u steeds meer gaan zien als de beleefdheidsvorm van jij (tweede persoon enkelvoud). 

tweede of derde persoon
Of je kiest voor u hebt (tweede persoon enkelvoud) of u heeft (derde persoon enkelvoud) is vooral een kwestie van smaak. Persoonlijk heb ik een voorkeur voor de eerste werkwoordsvorm. Waarom? Omdat ik van consequent taalgebruik houd. Ik schrijf u zult, kunt, bent (tweede persoon enkelvoud) en niet u zal, u kan en u is (derde persoon enkelvoud).

vergissen
Nog een leuke wetenswaardigheid: kies je voor u hebt dan hoort daar het wederkerend voornaamwoord u bij. ‘U hebt u vergist,’ dus. (Gebruik je heeft, dan schrijf je: ‘U heeft zich vergist.’)

consequent
En tot slot nog dit. Of je nu kiest voor u hebt of u heeft, zorg er in elk geval voor dat je de gekozen vorm consequent toepast binnen één tekst en gebruik u hebt en u heeft nooit door elkaar.