Ruggespraak Onze Taal – mei 2022

Over nepagenten, kampen voor starters, TBS voor een advocaat en specialisten in huidveroudering.

Het blad Onze Taal wordt dikker, maar gaat ook minder vaak verschijnen. De editie die ik vandaag ontving, is de laatste ‘ouderwetse’. Ik ben benieuwd naar de nieuwe vormgeving en inhoud, maar zal daar nog even op moeten wachten. Wat gehandhaafd blijft, is de rubriek Ruggespraak. En daar ben ik blij om. Hieronder vind je zoals altijd een selectie uit de leukste taalmissers uit die rubriek. Ik wens je er weer veel plezier mee.

Ik had voor een andere woordvolgorde gekozen voor deze verkiezingsslogan.

CDA Kampen
Lees “Ruggespraak Onze Taal – mei 2022” verder

Ruggespraak Onze Taal – april 2022

Over niet zo hoog gelegde latten, een poepende vrouw, een doodgereden dier dat zo goed als zeker dood is en opererende gauwdieven.

Het blad Onze Taal wordt dikker, maar gaat ook minder vaak verschijnen, begreep ik. Maar de rubriek Ruggespraak blijft, dus hoef ik de traditie niet los te laten en blijf ik de leukste missers uit die rubriek hier delen. Ik wens je er weer veel plezier mee én een heerlijk weekend.

Dus: veel op je bord, langzaam eten.

CZ.nl over het verminderderen van stress
Lees “Ruggespraak Onze Taal – april 2022” verder

Tekstadvies | heeft of hebt

Deze tiende aflevering in de serie ‘Tekstadvies’ gaat over de vervoeging van het werkwoord hebben.

Schrijf jij u hebt of u heeft? Het mag allebei, volgens Onze Taal.

persoonlijk voornaamwoord
Eerst even iets over het persoonlijk voornaamwoord u.  Dat ontstond als derde persoon enkelvoud, afgeleid van uwe edelheid. Maar in de loop der tijd is men u steeds meer gaan zien als de beleefdheidsvorm van jij (tweede persoon enkelvoud). 

tweede of derde persoon
Of je kiest voor u hebt (tweede persoon enkelvoud) of u heeft (derde persoon enkelvoud) is vooral een kwestie van smaak. Persoonlijk heb ik een voorkeur voor de eerste werkwoordsvorm. Waarom? Omdat ik van consequent taalgebruik houd. Ik schrijf u zult, kunt, bent (tweede persoon enkelvoud) en niet u zal, u kan en u is (derde persoon enkelvoud).

vergissen
Nog een leuke wetenswaardigheid: kies je voor u hebt dan hoort daar het wederkerend voornaamwoord u bij. ‘U hebt u vergist,’ dus. (Gebruik je heeft, dan schrijf je: ‘U heeft zich vergist.’)

consequent
En tot slot nog dit. Of je nu kiest voor u hebt of u heeft, zorg er in elk geval voor dat je de gekozen vorm consequent toepast binnen één tekst en gebruik u hebt en u heeft nooit door elkaar.